schorpioenvlieg

3
schorpioenvlieg
4

Dit beestje schijnt nogal algemeen voor te komen in Nederland, maar dat geldt vast voor veel vliegend insectenspul dat ik nog nooit heb opgemerkt. Insecten houden net als wij van lekker warm en zonnig weer. Dus op zo’n dag heb je ook veel meer kans allerlei spannende beestjes in je tuin tegen te komen. Mits de tuin niet geheel bestraat is natuurlijk, zoals tegenwoordig helaas steeds vaker het geval is.

Die fijne warme zomerse dag zag ik voor het eerst in mijn leven een vliegend insect dat een staart als een schorpioen heeft. Ik was onder de indruk van zijn voorkomen en dacht dat hij met die schorpioenstaart misschien wel kon steken. Maar het ding blijkt ongevaarlijk en heeft alleen maar een functie tijdens de paring. Hij gebruikt ze dan als klemmen om het vrouwtje vast te houden als ze niet vrijwillig met hem wil paren.  Het vrouwtje heeft die tangen niet, haar achterlijf eindigt in een punt.

Strikt gesproken klopt de naam schorpioenvlieg niet, ze hebben niet veel overeenkomsten met echte vliegen. Zij hebben bijvoorbeeld 2 paar vleugels en vliegen hebben 1 paar.

Schorpioenvliegen behoren tot de familie van de Mecoptera.  Mecoptera vormen een van de oudste ordes binnen de insecten: het oudst geregistreerde fossiel is van 250 miljoen jaar geleden. De vroegere Mecoptera hebben zeer waarschijnlijk een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van andere insecten zoals o.a. Vlinders, Vliegen en Muggen.  Mecoptera zijn de oudste insecten met een volledige gedaanteverwisseling en kennen de stadia ei, larve, pop en volwassen insect.

In Nederland komen 5 soorten schorpioenvliegen voor, waarvan 1 zo zeldzaam dat men niet eens weet of hij eigenlijk nog wel voorkomt. Ze lijken allemaal heel erg op elkaar. Schorpioenvliegen hebben een snuitvormige verlenging van de kop met aan het uiteinde bijtende of stiletvormige monddelen. Ze leven van dierlijk en/of van plantaardig materiaal. Meestal eten ze beginnende rottende vegetatie en dode (of bijna dode) insecten. Echte Schorpioenvliegen roven zelfs met gemak een net gevangen insect uit een spinnenweb. Door het afscheiden van een darmsap, plakken zijzelf niet vast aan het web.

Nog even over die paring. De tangen van het achterlijf worden dus pas gebruikt als het echt niet anders meer gaat. Maar daarvoor heeft hij al 2 andere verleidings tactieken op haar los gelaten.  Het begint met dat het mannetje het vrouwtje lokt met geurstoffen die hij verspreid via een orgaantje bij zijn achterlijf. Dat geurtje kan tot op een afstand van acht meter door een vrouwtje opgepikt worden. Als het vrouwtje in de buurt is, begint hij te klapperen met zijn vleugels en gaat zijn achterlijf op en neer. Het vrouwtje pikt deze beweging op via tasthaartjes op haar poten en als ze bereidt is om te paren, maakt ze dezelfde bewegingen. Het mannetje nadert het vrouwtje en er zijn dan drie verschillende scenario’s mogelijk: Als het vrouwtje bereidt is om direct te paren, biedt hij haar een prooi aan. Is zij nog niet bereidt om meteen te paren dan scheidt hij via zijn speekselklieren ongeveer zeven bruine, slijmachtig balletjes af. Dit goedje wordt door het vrouwtje als zeer smakelijk ervaren en terwijl zij eet, start het mannetje de paring. Als ze dan nog niet overtuigd is, dan zal het mannetje zo nodig met enige overtuigingskracht de paring doorzetten doordat hij haar vast heeft met de tangen van zijn achterlijf waardoor ze geen kant op kan.

Na enkele dagen leggen de vrouwtjes hun eitjes na de paring via hun legboor in kleine groepjes in vochtige, losse aarde. Na 5 tot 10 dagen kruipen de larven uit de eitjes.

De larven leven in gangen vlak onder het oppervlak van zachte, losse grond onder dichte vegetatie en zoeken daar hun eten. Het zijn echte rovers. Na 4 tot 6 keer vervellen zijn ze na 1 maand volgroeid.  Dan graven ze een holletje in de grond en vervellen tot pop, ze spinnen geen cocon. De pop komt uit in het voorjaar.

Schorpioenvliegen vormen nooit een plaag en worden daarom graag ingezet in de (biologische) tuinbouw om op natuurlijke wijze de bladluizen te bestrijden.

(Info oa uit: https://ivn.nl/afdeling/gooi-en-omstreken/insecten/schorpioenvliegen)